Denkplaats visitekaartje

Ik weet hoe het zit!

Geplaatst op 7 april 2017 door Denkplaats

De fatale combinatie tussen onzorgvuldigheid en ego

In mijn eerste intervisiebijeenkomst in deze groep, werd me duidelijk gemaakt dat ik als manager onervaren was en in de gevarenzone verkeerde. Mijn casus bleek, zonder gezamenlijk onderzoek overigens, voorbeeld van een niet kloppende organisatiestructuur, op de loer liggende overspannenheid en alarmfase rood, aldus de senior onder ons.

Pluim voor deze manager, die zich ervan bewust is dat reflectie en feedback helpen om te groeien in zijn vak en dat dus ook opzoekt onder vakgenoten! Jammer alleen, dat de zogenoemde intervisie weken ‘herstel’ heeft gekost: “Ik dacht weken dat ik alles niet goed gedaan had. Maar dat klopt volgens mij toch niet.”  is niet de meest stimulerende uitkomst van een eerste intervisiegesprek. Toch?

In het gesprek tussen deze manager en mij bleek al vrij snel dat zijn ervaring ook helemaal geen intervisie betrof. Wel qua naam, maar in de praktijk was het op zijn hoogst een heel slechte supervisie: op één collega na, stelden de collega’s zich niet op als gelijkwaardige professionals, maar als autoriteiten die het groentje even vertellen hoe het zit.

Reflectie? Ho maar. Feedback? Ja, gebaseerd op eeeeeeeuwenlange ervaring in plaats van zorgvuldig aansluitend op deze specifieke situatie.

Nu heb ik niks tegen supervisie, mits het goed gebeurt.

Ook niks tegen intervisie, mits het goed gebeurt.

Maar wel heel veel tegen beide vormen als ze, zoals in dit geval, een fatale combinatie tussen onzorgvuldigheid en ego zijn.

In mijn slechte ervaringen vormt zonder uitzondering de combinatie tussen onzorgvuldigheid en een te groot ego de kern van het mislukken van het gesprek: de verschrikkelijke onnadenkendheid waarmee sommigen het zogenaamde collegiale gesprek aangaan en denken dat dat hetzelfde is als het houden van een presentatie, het winnen van een debat of, het allerergste, het etaleren van je eigen positie als Topper in het vak.

Nu is zorgvuldig communiceren, dus passend bij de situatie, een zwaar onderschatte kwaliteit van professionals in het algemeen en van managers in het bijzonder. Moet je als manager niet vooral altijd alles beter weten dan de rest en daadkracht laten zien?

Zo ja, dan is logisch dat degenen die zich slechts daarin hebben getraind niet in staat zijn tot gelijkwaardige communicatie, een dialoog, een onderzoek wanneer de situatie daarnaar vraagt: bij intervisie dus.

Ik heb de betrokken manager aangeraden zich niet meer te laten voeden door slechte supervisie daar waar intervisie zijn wens is. Dat houdt dus in òf een goed gesprek met het intervisiegroepje om te bepalen of zij gezamenlijk tot een consensus over intervisie en bijbehorende methodiek en gesprekshouding kunnen komen. Of aansluiten bij of oprichten van een andere intervisiegroep. En dan, overigens opnieuw, eerst checken of in die groep een consensus over intervisie en bijbehorende methodiek en gesprekshouding bestaat.

De slordigheid, de onachtzaamheid waarmee intervisie en supervisie door elkaar gehaald worden, is niet een uniek voorbeeld van de slordigheid waarmee wij met regelmaat met elkaar omgaan. Natuurlijk, in theorie zullen de meeste managers het verschil wel weten. Maar handel je daar dan ook naar? Lang niet altijd, blijkt ook hier. Maar ook in andere voorbeelden:

Hoe vaak niet wordt helpen door de geholpene ervaren als controle doordat er niet geluisterd wordt maar overgenomen? Of spreken we af samen verantwoordelijk te zijn voor een project om tot je stomme verbazing te ontdekken dat dat blijkbaar niet inhoudt dat de ander je taken overneemt als je ziek bent? Enzovoorts, enzovoorts…

We strooien maar wat met grote begrippen en denken elkaar te verstaan en te begrijpen. Maar dat is niet zo. Niet zelden leidt dit tot frustraties en ellende.

Eigenlijk gaat dit artikel niet over intervisie of supervisie. Het gaat over nauwkeurig afstemmen: weten van de ander wat die daadwerkelijk onder intervisie verstaat. Of onder helpen. Of onder verantwoordelijkheden delen. Dat is iets anders dan de mooie definities in Van Dale, het is dat wat je samen in de praktijk aan deze grote begrippen koppelt.

Maar hoe kom je daarachter? Ten eerste: doen. En als het mislukt? Of het net niet helemaal lekker loopt? Er een onderzoeksgesprek over voeren. Stap niet gelijk in de discussie, waarbij de verbaal minst sterke meestal verliest. Daarmee heeft de verbaal sterkste de slag gewonnen, maar ben je in de praktijk geen steek verder.

Een onderzoeksgesprek is een dialoog, waarbij je even niet weet wat de uitkomst van het gesprek is. Je weet even niet wat intervisie is, ook al heb je er tientallen artikelen over gelezen. Maar je bepaalt het, in dit gesprek, samen. Met elkaar. Op dit moment. Voor jullie situatie.

Sinds ik de kracht van het onderzoeksgesprek zelf heb ervaren, en bij anderen heb mogen begeleiden, durf ik te stellen dat een echt onderzoeksgesprek verenigt en ook kritisch filtert als geen ander gesprek. Het is nauwkeurig fileren totdat je samen ècht weet waar je het over hebt. En vanuit dat startpunt kun je, als manager, als collega’s samen vormgeven aan de praktijk van alledag. Het is lastig om een goed onderzoeksgesprek te voeren. Om eerlijk, open, zonder oordeel gericht op elkaar te zijn. Maar daar kun je in getraind worden. En in begeleid.

En tuurlijk, soms is er geen ruimte voor een onderzoeksgesprek: bijvoorbeeld als je tandarts je in tweeën gescheurde kies moet trekken en je je daar gewoon aan over moet geven. Tegen al je instincten in. Bij mij dan. Maar soms, en veel vaker dan wij denken, is die ruimte en zelfs de noodzaak er wel! En levert het een sterk verbeterde samenwerking op!

Ten slotte… zou een goede intervisie niet ook een soort onderzoeksgesprek moeten zijn?

 

Meer weten over onderzoeksgesprekken en andere begeleidingen door DENKPLAATS?

kijk op  http://www.denkplaats.nl/

Geen reacties

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Denkplaats

Daagt uit

DENKPLAATS begeleidt jou in het denkonderzoek. Scherpt aan zonder oordeel. Het gedachtengoed is van de klant. DENKPLAATS neemt niet over, maar daagt uit.

Vraagt door

DENKPLAATS staat nieuwsgierig in het leven. Treedt jou met nieuwsgierigheid tegemoet. Wil weten wat je denkt. En wil naar de kern van de zaak. En vraagt dus altijd door.

Is helder

DENKPLAATS is helder. In communicatie, in prijs, in vormgeving en in afspraken. Omdat denkwerk lastig genoeg kan zijn, moeten de randvoorwaarden glashelder zijn.

Brengt humor in

DENKPLAATS houdt van scherpe humor en lacht veel. Humor schept ruimte, maakt speelsheid in het soms zware denkproces mogelijk.

Biedt garantie

Aan het einde van het traject met DENKPLAATS heb je minstens één vraag gesteld die je (jezelf) nooit eerder gesteld hebt.

Meer informatie ontvangen?

Inzicht krijgen in hoe jij in je organisatie of privésituatie tot heldere inzichten en bezielde besluiten komt?
Abonneer je op de nieuwsbrief en ontvang maandelijks cases, achtergronden en inspiratie.



Wil je liever op een andere manier contact houden?
Dan kun je je op ieder moment weer uitschrijven.

DENKPLAATS Adrianalaan 101b 3053 MA Rotterdam T (06) 13 12 89 71 ariane@denkplaats.nl Kvk 68110634